100% ADD Blog

GGZ moet anders.

Lijdt de GGZ aan een burnout?

Soms zijn onze instellingen en bedrijven net mensen. En soms lijken ze zelfs aan mensen ziekten te lijden.

De overbelasting door burn-out begint een normaal fenomeen te worden in onze maatschappij. Waar veel mensen nog denken dat het een modeverschijnsel is, is het wel degelijk een wetenschappelijk onderbouwd fenomeen.

Natuurlijk hebben we het dan over een burn-out bij mensen. Maar mensen en organisaties verschillen in die zin [[#break]] niet zo veel van elkaar. We vinden het bijvoorbeeld heel normaal om de verkeersflow te vergelijken met ons bloedvatenstelsel. Precies zo kunnen we de oorzaken en gevolgen van een burn-out bij mensen op organisaties projecteren.

Sterker nog, daar waar bij de mens de oorzaak (de voortdurende nadruk op meer prestatie, hogere effectiviteit en optimaal rendement) het meest ingrijpend is, is die dat ook bij organisaties die we eventueel willen vergelijken. De GGZ kan daarmee als spiegel van onze geestelijke gezondheid een mogelijk slachtoffer van een burn-out zijn en is er in ieder geval kwetsbaar voor.

Burn-out manifesteert zich niet zozeer bij de hoeveelheid werk dan wel bij de druk die ontstaat door de eisen die werk stelt om gedaan te worden. In onze huidige maatschappij is werk een maatschappelijke plicht geworden en hoe beter we dit werk doen hoe waardevoller we zijn. We zijn een economisch product geworden. Herkent u hierin de gang van zaken binnen de huidige gezondheidszorg? Lees verder er komt meer.

Uit onderzoek bij verschillende dieren is gebleken dat burn-out ook in de natuur voorkomt en praktisch gezien dezelfde symptomen vertoont als bij mensen. De slachtoffers raken verzadigd met stresshormonen als cortisol, adrenaline en noradrenaline. Patiënten worden in toenemende mate passief. Hoe dat zich manifesteert binnen de GGZ zien we als we naar de eerste taak van de medicus kijken: de zorg voor de patiënt. Deze taak blijft meer en meer achterwege en wordt steeds vaker vervangen door mechanismen die niets met GGZ te maken hebben zoals financiering en verzekeraars. De medici worden hierdoor zo passief gebeukt dat zij vaak hun oorspronkelijke taak niet meer naar behoren kunnen vervullen.

Ook verschijnselen als depressie zien we opduiken. Steeds meer werknemers binnen de GZZ voelen zich minder op hun plaats en vinden hun werk minder bevredigend en eindigen vaak zelf met een burn-out omdat ze de middelen missen om hun werk te kunnen doen. Maar ook in de bestuurslagen zien we hetzelfde fenomeen. Door de druk van bezuinigingen en het regeloerwoud ontstaat er een situatie waar de medische bestuurslaag in een administratieve laag verandert die voortdurend bezig is de onderliggende lagen opnieuw uit te vinden om een hogere effectiviteit en rendement te bewerkstelligen. Het resultaat is dat patiënten een abstractie worden die op de tweede plaats komt.

Normaal gesproken wordt na een stress-situatie het lichaam in balans gebracht met dopamine. Bij een burn-out gebeurt dit niet, omdat de prikkels die in eerste instantie voor de stress zorgden aanwezig blijven. We zien dat in de herstructurering van de gezondheidszorg waar de dopamine had moeten komen op het moment dat de overgang naar het nieuwe zorgstelsel en systeem van zorgverzekeraars zou zijn afgesloten. Maar die situatie is nooit gekomen. Er werd geherstructureerd en na iedere structurering kwam de boodschap alles is te duur er is geen geld, en er kwamen nieuwe eisen tot herstructurering. De GGZ schoot in een chronische stress-situatie en is bij voortduring bezig zichzelf opnieuw uit te vinden, kosten te drukken, de zorgverzekeraars ter wille te zijn. Tijd en energie die niet naar de patiënt gaat. Sterker nog, die dusdanig ten koste van de patiënt gaat dat we een nieuw fenomeen mogen bewonderen: de zorgmijder. Net zoals mensen met een burn-out in toenemende mate sociaal geïsoleerd raken gebeurt dit ook met de GGZ en weer ten koste van de patiënt.

Maar waarom zien we dit binnen de GGZ?

We kennen ruwweg 4 burnout-types:

  • Hardwerkende succes-type dat evenwicht kan houden.
  • Het type zonder ambities. Die hoeft zich niet druk te maken.
  • Het geambitioneerde type dat constant voor erkenning vecht.
  • De controlfreak.

Waar type 1 en 2 een lage kans op burnout hebben, hebben 3 en 4 een verhoogde kans op burnout en kun je de GGZ onder 3 scharen. Jaren (zeg maar eeuwen) als pseudowetenschap beschreven door de empirische wetenschappers, draagt daar aan bij. En net nu psychiatrie en neurologie een wetenschappelijk huwelijk aangaan wordt dit succes in gevaar gebracht. De reactie is dat men probeert roomser dan de paus te zijn, en probeert zich te handhaven en zijn deel van het medisch budget zeker te stellen. Daarbij wordt dan graag gedachtengoed van de overheid ter hand genomen en de patiënt verteld dat ze zelfredzaam moeten zijn. Griezelig vind ik daarbij de verschuiving van de term patiënt naar cliënt.

Problemen voor de toekomst zijn evident als er niets gaat gebeuren. De voortdurende vernieuwing binnen de GGZ heeft een ongezond niveau, vooral omdat de patiënt de rekening krijgt. Zoals cortisol de vernieuwing van DNA hindert en afbraak bespoedigt zal de afbraak ongetwijfeld door de stress ook binnen de GGZ plaatsvinden.

Maar wat moet er gebeuren? De eenvoudigste optie is dat de GGZ in beweging moet komen. Men moet ophouden alle verantwoordelijkheden die men denkt niet meer aan te kunnen naar patiënten af te schuiven. Men moet naar de patiënt toe. Men moet met de patiënt gaan werken en niet met de zorgverzekeraars. Men moet weer patiëntgericht in plaats van cliëntgericht gaan werken. De GGZ is geen supermarkt.

Ik heb zelf mogelijkheden gezien waarin ik in FACT-teams en ervaringsdeskundigen als niet alleen een kostengunstige (men kan van elkaars ervaring profiteren in plaats van iedere keer opnieuw de patiënt ‘te ontdekken’), alsook een gezonde geestelijke gezondheidszorg te realiseren. FACT staat voor Flexible Assertive Community Treatment. Het doel is het leveren van hoogwaardige behandeling en begeleiding, waarbij de hulp- en ondersteuningsvragen van cliënten het uitgangspunt vormen. Het behandel-(of zorg of begeleidings)aanbod sluit aan bij het gewone leven en richt zich, naast de vermindering van psychische klachten, op wonen, werken, leren, vrijetijdsbesteding, sociale en intieme relaties en het familieleven. Door communicatie en krachtenbundeling van verschillende disciplines wordt de bureaucratie voor een flink deel buiten de hulpverlener/patiënt relatie gehouden (dat begint al bij intakes) en krijgt de patiënt veel sneller en effectiever de hulp die er op ieder bepaald moment van zijn/haar traject nodig is.

Ik heb ook gezien hoe deze fijne effectieve manier van behandelen beperkt wordt en onder vuur ligt door het efficiëntie- en kostenvirus van de zorgverzekeraars. Zo dreigt het succes van de kleine decentrale FACT teams ten onder te gaan aan de insteek van de verzekeraars om te centraliseren want dan is er nog meer te verdienen en minder personeel nodig. Het is van belang dat al die professionals die momenteel morren en lasteren over de zorgverzekeraars de consequenties serieus nemen. Er staan banen op het spel. Men wordt door computers en robots vervangen als men nu niet opstaat. En mijn vraag is, bij zoveel mensen en zoveel cybernetische kennis, waarom gebeurt er niets?

P.S. Dit is versie 3 van deze blog waarbij ik hulp heb gekregen van een gewaardeerde professional.

Dialoog & Discussies